Opleidingsrevisie; de EHBO voor opleidingsmateriaal

Wat doe je als je opleidingen en trainingen niet (meer) goed werken?

Het leren in uw organisatie was ooit succesvol, maar nu gaat er iets goed mis. Op de werkvloer doen uw medewerkers niet wat ze geleerd hebben; de transfer van het leren lijkt niet goed te gaan. Toch hebben de deelnemers na de training aangegeven bijzonder enthousiast te zijn. Wat is er aan de hand? Betekent dit dat de totale leeromgeving veranderd moet worden?

Vaak is dat niet nodig, en kan opleidingsrevisie de oplossing zijn. Opleidingsrevisie is de EHBO (Eerste Hulp Bij Opleidingsproblemen) voor opleidingsmateriaal. Aan de hand van een check die gedaan wordt door een ervaren opleidingskundige, krijgt u inzicht in wat er aangepast moet worden. De revisiedeskundige geeft weer handen en voeten aan uw leermateriaal. Er wordt gekeken wat goed is, wat aangepast moet worden, en wat er voor nodig is om uw leermateriaal tot een sprankelende leermix te maken.

Om een opleidingsprogramma sprankelend en tot een succes te maken, moet deze haalbaar, effectief, geaccepteerd, actueel, spannend en creatief zijn.

Opleidingsrevisie

Model van succes Flowing Progress

Haalbaar

De onderliggende basis voor succes is haalbaarheid. Past het leertraject wel bij de cultuur van de organisatie? Zijn er voldoende financiële mogelijkheden en zo ja, zijn deze in de juiste verhouding met het te verwachte rendement? Hebben de deelnemers voldoende mentale en fysieke mogelijkheden om dit opleidingstraject succesvol te doorlopen? Is het totale opleidingstraject wel SMART-I (specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch, tijdsgebonden en inspirerend) genoeg?

Effectief

Een opleiding is effectief als hij leert wat hij moet leren. Geeft de opleiding richting aan de doelen van de organisatie (missie, visie, passie)? Het effect van opleidingen is te meten op verschillende niveaus. Volgens de vier effectniveaus (Kickpatrick) kan je evalueren op reactieniveau (hoe is de opleiding ontvangen?), het kennisniveau (welke kennis is geleerd en geabsorbeerd?), het gedragsniveau (vertoont de deelnemer het gewenste gedrag?) en het resultaat. Als er twijfels zijn of een opleiding het gewenste effect heeft, kan het meten op het juiste niveau belangrijk zijn om te weten wat er mis is met de opleidingen.

Geaccepteerd

Volgens Pink (2010) ontstaat intrinsieke motivatie door zingeving, autonomie en meesterschap. Dit soort motivatie heb je nodig om mensen tot leren (en dus tot veranderen) aan te zetten. Veranderen is altijd spannend omdat het je uit je comfortzone haalt. Daarom zorgt het moeten veranderen voor een natuurlijk soort weerstand. Om ondanks deze weerstand deelnemers tot veranderen te bewegen, moeten ze de zingeving van wat geleerd wordt inzien, een gevoel van keuzevrijheid hebben van handelen (autonomie) en moet wat geleerd wordt tot een mogelijk haalbaar succes leiden (meesterschap).

Creatief

Een film kijken uit de jaren 80 voelt al snel als traag en achterhaald. Toch was diezelfde film in de jaren 80 razend populair. Zo is het ook met leermiddelen. Je komt als bedrijf niet meer weg met alleen frontaal onderwijs en een leerboek. Een leermix moet een bepaalde creativiteit in zich hebben. Dit is vaak een mix van oude en nieuwe werkvormen. Er zijn veel leuke werkmethodieken te bedenken of beschikbaar; denk hierbij bijvoorbeeld aan meer spelend/creërend leren door het invoeren van casussen, een bordspel, creatieve werkvormen gecombineerd met teamcoaching etc. Ook de moderne leervormen zoals gamification, e-learning of het leren door middel van virtual reality kunnen een mooie aanvulling zijn om tot een mooie blend van leren te komen (blended learning). Een goed gemaakte creatieve leermix is leuker, interactiever en realiseert enthousiasme voor het leren. Door het werkplekleren/ervaringsleren te integreren in het leertraject ontstaat vaak een betere transfer van het leren naar echt resultaat dat te zien is op de werkplek.

Spannend

Mensen hebben verschillende manieren waarop ze willen leren. David Kolb (1983) onderscheidt vier leerstijlen: de doener, de denker, de dromer en de beslisser. Door in een opleiding alle vier de leerstijlen te activeren wordt een leermix gemaakt die voor elke leerstijl spannend blijft. Daarbij moet het opleidingsmateriaal aansluiten bij het niveau van de deelnemers. Door te leren wat deelnemers al weten, of te leren wat ze niet begrijpen, daalt de motivatie snel. Deelnemers krijgen dan namelijk niet het idee dat er meesterschap te behalen is; één van de belangrijke motivatoren volgens Pink.

Actueel

Leermateriaal moet vanzelfsprekend actueel zijn. Wat er geleerd wordt, moet juist zijn. Op het moment dat er fouten of onjuistheden in leermateriaal zitten, heeft dit een negatieve invloed op het leerproces. Er ontstaat irritatie en een gevoel van de deelnemer dat hij boven de stof staat. Daarmee sluit de leerstof niet meer aan bij de deelnemer en gaat bij de deelnemer soms letterlijk het licht uit. Een revisiedeskundige kan leermateriaal op actualiteit en juistheid scannen.

Revisie

Door het inschakelen van een revisiedeskundige zorgt u dat iemand van buitenaf met een frisse blik naar uw opleidingsmateriaal kijkt. Door een grondige intake en/of inventarisatie op bovenstaande punten maakt deze een opleidingsadvies dat in eerste instantie gericht is op revisie; het aanpassen van bestaand materiaal zodat het weer goed wordt. Een revisiedeskundige gaat in tegenstelling tot andere opleidingsaanbieders uit van zo min mogelijk werk (en dus kosten) in plaats van zo veel mogelijk werk.

Klik hier voor meer informatie

 

cropped-cropped-flowing-progress-logo-rood-2.png