Collega’s echt zien en elkaar helpen.

Hoe realiseer je als leidinggevenden dat collega’s elkaar echt zien en elkaar willen helpen?Als leidinggevende gaat veel tijd op aan werkoverleg, overige besprekingen en bilateraals. In zo’n bilateraal krijg je inzicht in waar jouw individuele medewerker mee bezig is, maar mis je vaak de inzichten die gaan over de interactie met overige teamleden. Zo krijg je vaak een eenzijdig zicht en is geroddel over samenwerkingen in het team een valkuil.  Echte oplossingen ontstaan hierdoor vrijwel nooit en de werksfeer wordt er niet beter op.

Om interactie in een team te realiseren is de volgende werkvorm ontwikkeld. Je gaat met je team twee uur op reis in elkaars belevingswereld.  Een reis met inzichten, luisteren naar elkaar en elkaar helpen.  In deze reis leert het team waar ieder individueel mee bezig is, waar de knelpunten zitten, maar vooral ook hoe je als team samen kunt werken om knelpunten op te lossen. Deze werkvorm is voor alle niveaus begrijpelijk,  biedt uitdaging en verbetert de onderlinge samenwerking.

Soort werkvorm

Intervisievorm

Naam werkvorm

Ik neem je mee in mijn werk

Aantal deelnemers

Ongeveer 12 tot 15 personen. Verdeel deze in groepjes van vier tot vijf personen.

Benodigde tijd (120 minuten)

Introductie en welkom voor de hele groep 10 minuten

Uitvoering in subgroepjes (60 min):  per deelnemer ongeveer 15 minuten.

Uitvoering in totale groep (30 min): 10 minuten per subgroep (5 minuten uitvoering, 5 minuten nabespreking)

Nabespreking en opstellen actieplan: 20 minuten

Opstelling

Elk groepje krijgt 5 A4’tjes met onderstaande teksten uitgereikt en legt ze in de aangegeven volgorde op de grond neer. Om beurten komen de medewerkers aan de beurt. Telkens maakt de medewerker een daadwerkelijk stap op het A4’tje vertelt hier wat over en gaat daarna naar de volgende stap op het volgende A4’tje.

Stap 1- Bezig: de medewerker vertelt in 1 minuut kort waar hij op dit moment mee bezig is en wat zijn werkzaamheden zijn.

Stap 2- Kwaliteit: De medewerker vertelt welke kwaliteiten hij meeneemt om zijn werkzaamheden goed te kunnen uitvoeren.

Stap 3- Lastig: Mogelijk loopt de medewerker tegen problemen aan waar hij hulp bij kan gebruiken of andere inzichten. Hij vertelt deze aan de groep.

Stap 4- Nodig: De medewerker vertelt wat hij denkt nodig te hebben om zijn werk goed te kunnen doen of om het probleem dat hij lastig vindt om op te lossen.

Stap 5- Jouw inzicht: Bij deze stap legt hij de informatie die hij gegeven heeft neer bij één andere medewerker die hij kiest uit het groepje (volledig vrije keuze). Hij vraagt wat zijn of haar inzichten zijn.

De aangewezen medewerker geeft antwoord volgens dezelfde stappen en ook deze medewerker stapt op de blaadjes. Hij checkt bij elke stap of de informatie die hij geeft juist is. Alleen bij de laatste

Stap 6 – Overleg met de groep en vastleggen op flip-over.

In de groep vindt een korte samenvatting plaats van het werk van de deelnemer, en ze overleggen of de mogelijk aangeboden oplossing de juiste is.  Op een flipover wordt het werk en de oplossing kort uiteengezet (max. 5 min; laat iemand de timer zetten).

De volgende deelnemer in het groepje is aan de beurt

Als alle deelnemers in de groep zijn geweest, kiest de groep gezamenlijk de deelnemer die het meest aan de groepsbijeenkomst heeft gehad en die ze dus het beste hebben kunnen helpen.

Na afloop presenteren de groepen de interventie die gekozen is en geven uitleg aan de hand van het eerder beschreven flipovervel. Van alle overige flipovervellen worden foto’s gemaakt en de inzichten worden gezamenlijk gedeeld en door de leidinggevende waar nodig en wenselijk opgenomen in de gebruikelijke actielijst.

Werkvormen op maat? Flowing Progress ontwikkelt deze graag voor. Klik hier voor onze contactgegevens

Flowing Progress

Geef een reactie